Zoek op kunstenaar
Sluit

Wobbe Alkemakunstenaar • kunstschilderBorger 1900-1984 Kampen

biografie van 'Wobbe' Hendrik Alkema

Portret van kunstenaar en kunstschilder 'Wobbe' Hendrik Alkema

Portret van 'Wobbe' Hendrik Alkema

Wobbe Hendrik Alkema, schilder, graficus, technisch tekenaar, architect en ontwerper verhuisde op zijn dertiende met zijn familie vanuit de straatarme veenkoloniën naar Groningen. Om de inkomsten van het gezin wat bij te spijkeren ging hij in de leer bij een meubelmaker. Hij volgde daarnaast lessen in technisch tekenen aan de Avondvaktekenschool. In 1919 schreef hij zich in bij academie Minerva en begon op de afdeling Meubelontwerp.

In 1922 werd Alkema aspirant-lid van De Ploeg en in 1924 trad hij aan als werkend lid. Dit werkend lidmaatschap zou van korte duur zijn. Alkema, een ernstig man, principieel geheelonthouder en niet bepaald gecharmeerd van Groningen, had weinig geestverwanten binnen de vereniging. Zo liet hij in het jaar 1926 in een schrijven aan geestverwant Carel Willink weten het gevoel te hebben er langzaam maar zeker dood te gaan en noemde daarbij als oorzaken de altijd trieste regenbuien naast een bekrompen en benepen geest van de mensen. Slechts eenmaal nam hij deel aan een Ploeg expositie. Toen hij in 1926 toch weer een verzoek deed om werkend lid te worden werd dit door de ledenvergadering verworpen. Alkema was een beetje een buitenbeentje onder de Ploegschilders die hun veelkleurige impressies van het Groninger land meestal buiten vastlegden.

Om gelijkgestemde avant-gardistische kunstenaars te ontmoeten reisde Alkema per fiets naar Antwerpen en Drogenbos in België. Via Jan Altink had hij kennis gemaakt met het Belgische tijdschrift ‘De Driehoek’ en het Belgische constructivisme. De ontmoetingen in België waren bepalend voor de lijn die zich in zijn werk inzette. Een geometrisch-abstracte stijl waarin cirkel, rechthoek en driehoek bepalende vormelementen werden. In de lokale pers had men hier moeite mee, ook al was het werk van Alkema allesbehalve kil en zakelijk door het warme kleurgebruik dat hij aanwendde om de emotionele lading van zijn schilderijen te versterken.

Alkema’s kunstenaarsbestaan werd gekenmerkt door wisselende periodes waarin hij zijn vrije schilderkunst kon uitoefenen. Gedwongen door de economische recessie moest hij rond 1932 zijn baan als bouwkundig tekenaar opgeven en voorzag in de jaren daarna in zijn levensonderhoud door het ontwerpen van meubelen en lampen, tekenwerk voor een clichéfabriek en kleine verbouwingen, of als opzichter bij restauratiewerkzaamheden. Tussen 1930 en 1940 maakte Alkema reizen door Duitsland, waar hij zeer somber gestemd van terug kwam vanwege de vijandige houding van de staat tegenover de moderne kunst. Dat greep hem zozeer aan dat hij een deel van zijn eigen kunst vernietigde en pas na de oorlog weer zijn werk als kunstenaar zou oppakken.

Tijdens de oorlogsjaren, in 1941, verhuisde Alkema met zijn gezin naar Assen, nadat hij de dagelijkse leiding had gekregen over de restauratie van de romaanse kerk in Anloo. In 1947 begon Alkema weer te schilderen en hij werd in 1951 voor de tweede keer lid van de Ploeg, maar sloot zich kort daarna aan bij Het Narrenschip, de kunstenaarsgroep die door Ekke Kleima, Jan Jordens en Jan van der Zee was opgericht. Na zijn verhuizing terug naar Groningen in 1948 maakte hij, door gebrek aan atelierruimte, vooral linoleumsneden, tekeningen en gouaches. Pas na zijn verhuizing naar Kampen in 1958, waar hij betrokken was bij de restauratie van de Sint Nicolaaskerk, beschikte hij weer over een atelier en pakte het schilderen weer op. De werken die vanaf toen ontstonden vertoonden een grote variatie in vormgebruik en waren minder geometrisch rechtlijnig: cirkels werden ovalen, rechte lijnen werden afgerond.

Alkema had genoeg aan een geometrisch abstract idioom en zocht het in zichzelf. Tegen zijn biograaf Henk van Os zei hij dat zijn composities ontstonden vanuit zijn gevoel, waarbij zijn hele wezen betrokken raakte. In het ‘mathematisch heldere’ vond hij zijn manier om stemmingen en emoties uit te beelden. Het constructivisme was voor Alkema een levenshouding, de mogelijkheid om tot de essentie van de dingen door te dringen. ‘Wij zien naar binnen, vinden onze ziel en zijn verwonderd’ zei hij. Toch werden zijn schilderijen afgedaan als ‘blokjes fantasieën of ‘blokjesgrappenmakerijen’. In tegenstelling tot zijn vriend en ateliergenoot Jan van der Zee, die zijn geometrische vormexperimenten na enkele jaren weer losliet, zou Alkema zich blijvend aan de abstractie wijden.

De belangstelling voor zijn werk groeide onder invloed van Jos W. de Gruijter, directeur van het Groninger Museum, waar Alkema in 1960 zijn eerste tentoonstelling kreeg. Maar verkopen deed hij niet veel. Hij kon er moeilijk afstand van doen omdat het een deel van zijn leven was geworden. Zijn kunst, composities die afspiegelingen vormen van de harmonie die achter de werkelijkheid schuilgaat, is niet voor snelle tijden, maar nodigt uit tot rust en contemplatie.

voorheen te koopschilderijen van Wobbe Alkema


Wobbe Alkema | Improvisatie, wasverf op doek, 80,3 x 47,0 cm, gesigneerd verso en verso gedateerd 1929

Wobbe Alkema

schilderij • voorheen te koop

Improvisatie

Wobbe Alkema | Compositie no. 14, olieverf op board, 55,0 x 64,7 cm, gesigneerd r.o. met initialen en gedateerd '60

Wobbe Alkema

schilderij • voorheen te koop

Compositie no. 14

Wobbe Alkema | Compositie no. 11, olieverf op doek, 59,8 x 80,0 cm, gesigneerd r.o. met initialen en gedateerd '57

Wobbe Alkema

schilderij • voorheen te koop

Compositie no. 11

Wobbe Alkema | Compositie 1960 nr. 1, 81,0 x 61,0 cm, gesigneerd l.o. ini en gedateerd '60

Wobbe Alkema

schilderij • voorheen te koop

Compositie 1960 nr. 1


de kunsthandel is het hele jaar open

dinsdag t/m zaterdag 11-17 uur en op afspraak